Ernst Stadler (1883-1914) was een Duits taalgeleerde en expressionistisch dichter die in het eerste jaar van de Eerste Wereldoorlog in het Belgische Zandvoorde, vlakbij Yper, op 31-jarige leeftijd door een granaat werd gedood.
Ik heb tussen 2008 en 2014 gewerkt als Wikipedia-vrijwilliger. Een van mijn toenmalige Wikipedia-collega’s – hij is net als ik inmiddels niet meer actief – was een man die zich S.Kroeze noemde.
S.Kroeze had besef van kwaliteit, zijn bewerkingen waren vrijwel zonder uitzondering onberispelijk, als hij een artikel bewerkte was zijn greep op de stof steeds boven alle lof verheven. Hij had zich bovendien steevast goed voorbereid en kende de relevante literatuur grondig. Hij schreef heel goed en beheerste een aantal moderne talen uitstekend.
Niet verwonderlijk dus dat hij met veel tegenstand te maken kreeg. De mensen verdragen het slecht als ze verbeterd worden, en als hun daarop volgende domme verontwaardiging scherp en afdoend wordt beantwoord.
Hij was in de sociale omgang geen groot talent. Hij maakte nodeloos snel ruzie, was soms ergdenkend en vernederde ook wel eens opponenten die het niet kwaad met hem meenden.
S.Kroeze had gevoel voor symbool, beeldtaal, poëzie. Op zijn gebruikerspagina staat (nog steeds) een foto die ook hiernaast is afgebeeld: een door hongerige wolven omringde Amerikaanse bizon (in Yellowstone Park). Deze foto verbeeldt heel goed in welke krankzinnige wereld hij zich bevond, en ik denk dat hij zich inderdaad in een krankzinnige wereld bevond, overigens net als wij allemaal.
Op de gebruikerspagina van S.Kroeze staat het gedicht van Ernst Stadler, ‘Fahrt über die Kölner Rheinbrücke bei Nacht’ dat ik daar voor het eerst heb leren kennen.
De spoorbrug over de Rijn bij Keulen is ongetwijfeld de Hohenzollernbrücke die tussen 1907 en 1911 werd gebouwd.
Het gedicht beschrijft een extatisch beleefde treinrit die als bestaansmetafoor wordt opgevat met hulp van de beelden die de treinreiziger in het donker ziet, met een voorgevoel van naderend noodlot.
Geluidsopname:
Geluidsopname van de vertaling – Arie Sonneveld
Vertaling:
Nachtelijke rit over de Rijnbrug bij Keulen
De sneltrein gaat tastend en stotend door het donker voort.
Een leidstar ontbreekt. De wereld is slechts een mijngang, nauw, nachtomhuld, railsbespoord,
waarin de productie van blauwe gloed soms onverhoedse horizonnen schept: vuurkring
om lichtbollen, daken, schoorsteenpijpen, rokend, vlietend .. korte betovering..
En daarna alles zwart. Als worden wij in nachtelijk ingewand naar ploegendienst geleid.
Slechts lichtjes die opduiken .. onbestemd, troosteloos verlaten .. steeds meer .. ze komen bijeen .. en versmelten altijd.
Geraamtes van grauwe gevels liggen naakt, bleek in het flauwe licht, dood –
er gaat iets gebeuren .. o, ik voel de druk in het hoofd. Iets zwaars zingt in ‘t bloed.
Dan opeens davert de grond als een zee: We vliegen door de lucht, koninklijk opgeheven,
weggerukt uit de nacht, hoog boven de rivier. O lus van miljoenen lichtjes, zwijgende wake,
wier stoet van flonkeringen traag over het water heen wegglijdt. Eindeloos raster, ons als nachtgroet gegeven!
Met fakkels die wuiven! Een zaligheid! Saluut van schepen op het blauwe water! Sterreschitteringen!
Krioelend, met klare ogen weggekeken! Tot waar de stad met de laatste huizen haar gast laat gaan.
En dan de lange eenzaamheden. Kale oevers. Stilte. Nacht. Bezinning. Inkeer. Avondmaal. En gloed en drang
naar laatste dingen, zegeningen, vreugde der ontvangenis. Naar wellust. Naar gebed. Naar zee. Naar ondergang.
Origineel:
Fahrt über die Kölner Rheinbrücke bei Nacht
Der Schnellzug tastet sich und stößt die Dunkelheit entlang.
Kein Stern will vor. Die ganze Welt ist nur ein enger, nachtumschienter Minengang,