Tagarchief: Carol Ann Duffy

Gebed – Carol Ann Duffy

Carol_Ann_Duffy

Carol Ann Duffy (Wikimedia Commons)

Carol Ann Duffy is een Schotse dichter en toneelschrijver. Ze was van 2009 tot 2019 Poet Laureate van het Verenigd Koninkrijk. Ze is hoogleraar Contemporary Poetry aan de Manchester Metropolitan University. Duffy is openlijk biseksueel.

Duffy kreeg een katholieke opvoeding, maar werd al betrekkelijk jong atheïst. Over de relatie tussen gebed en poëzie zei ze ooit dat die twee erg op elkaar lijken.

Ze houdt van gewone taal, gebruikt op een gelaagde manier. Ze houdt niet – vertelde ze in een interview – van interessante ‘Seamus Heaney-woorden’, wat in deze context betekent dat die woorden vreemd zijn en de woordbetekenissen nauwelijks bekend.

Het gedicht Prayer is de Engelse vertaalopgaaf van de vertaalwedstrijd Nederland vertaalt 2020. De uiterste inzenddatum was 28 februari 2020. Onderstaande vertaling is mijn inzending.

Het gedicht beschrijft niet-godsdienstige vormen van de gebedshouding, een houding van intense aandacht: een vrouw die haar hoofd opheft als ze de bomen hoort ruisen, een man die verstijft als hij aan zijn middelbareschool-tijd terugdenkt bij het geluid van een langskomende trein, de kamerhuurder die geroerd wordt door een uiterst eenvoudig pianomuziekje dat onverwacht opklinkt, het desolate effect van een kindernaam die luidkeels geroepen wordt, de radio die een routine prevelt en daarmee een trance opwekt.

Bij mijn opvoeding werd een zin van Paulus vaak aangehaald: ‘Het geloof is uit het horen’ (Rom. 10:17). Alle gebedservaringen die door Carol Ann Duffy worden opgeroepen, worden door geluiden opgewekt, en die geluiden worden bovendien steeds taliger: eerst ruisen, dan het metrische geratel en gestamp van een trein dat aan Latijnse verzen doet denken, dan het roepen van een kindernaam, en ten slotte de bijna gescandeerde berichten voor de scheepvaart.

Shipping Forecast

De Engelse zeedistricten inclusief Finisterre (Bron)

De Engelse zeedistricten in de slotregel komen voor in de Shipping Forecast, een nieuwsbericht met een heel strakke vorm. Als u er een poosje naar wilt luisteren, dan kunt u op youtube terecht. Deze namen heb ik in vertaling vervangen door de plaatsnamen die op de Nederlandse radio voorkwamen in de berichten over de waterstanden, berichten die tot 1985 werden voorgelezen, en die ook een vast stramien volgden. Hier is een voorbeeld (met helaas vrij slechte geluidskwaliteit).

Aardig is dat de zeedistricten voor de Engelsen een vergelijkbare existentiële betekenis hebben als de waterstanden voor de Nederlanders.

De Engelse slotnaam Finisterre – een naam die nu niet meer gebruikt wordt voor het betreffende zeedistrict – betekent ‘einde der aarde’. Die betekenis heb ik niet helemaal kunnen overbrengen. Het Grave beneden de Sluis – in latere edities van de berichtgeving over de waterstanden in onbruik geraakt – roept wel een vergelijkbaar eeuwigheidsbesef op.

De dichter Ida Gerhardt gebruikte in haar gedicht Radiobericht eveneens het trance-effect van de radiostem die de waterstanden voorlas.

Op Twitter hebben eerder al twee Twitter-collega’s – Jelle van Baardewijk en Karel Smouter – hun vertaling openbaar gemaakt. Leuk om te lezen! Het zijn heel andere – veel vrijere – vertalingen dan de mijne die betrekkelijk streng de sonnetvorm volgt: ik heb rijm, metrum en aantal regels gehandhaafd: de vrijheden die ik me heb veroorloofd betreffen kleine inhoudelijke aanpassingen (bijv. waterstanden i.p.v. scheepvaartberichten) en in een paar gevallen de toevoeging van een extra versvoet (de metrische eenheid, twee extra lettergrepen).

Het oorspronkelijke gedicht is gepubliceerd in de bundel Mean Time (1993).

[Toevoeging 25 april 2020: Mijn vertaling is niet genomineerd voor de prijzen van de wedstrijd Nederland vertaalt. Er waren 495 inzendingen. De vijf genomineerde vertalingen kunt u hier raadplegen.]

Vertaling:

Gebed

Soms overdag, al lukt bidden ons niet, dient een gebed
zich aan. Een vrouw die plots haar hoofd opheft
uit de zeef van haar handen, als ze de wet
van de trage zang der bomen, een genade, beseft.

Soms ‘s nachts, al geloven we niets, dringt door
wat waar is, de kleine vertrouwde pijn;
een man die verstijft, die zijn jeugd terughoort
in de verre Latijnse cadans van een trein.

Nu dan, bid voor ons. De huurder wordt ongewild
vertroost door ’t prille loopje van een pianist
dat uit het stadje opklinkt. Schemer; iemand gilt
de naam van een kind alsof het is vermist.

Buiten is ‘t donker, de radio bidt binnenshuis –
IJsselkop. Lobith. Grave beneden de Sluis.

Origineel:

Prayer

Some days, although we cannot pray, a prayer
utters itself. So, a woman will lift
her head from the sieve of her hands and stare
at the minims sung by a tree, a sudden gift.

Some nights, although we are faithless, the truth
enters our hearts, that small familiar pain;
then a man will stand stock-still, hearing his youth
in the distant Latin chanting of a train.

Pray for us now. Grade 1 piano scales
console the lodger looking out across
a Midlands town. Then dusk, and someone calls
a child’s name as though they named their loss.

Darkness outside. Inside, the radio’s prayer –
Rockall. Malin. Dogger. Finisterre.