Tagarchief: Prijs als je kunt deze kreupele wereld

Prijs als je kunt deze kreupele wereld – Adam Zagajewski

Als hovaardige student had ik er aardigheid in om te zeggen dat de hel reëler is dan de hemel, dat de kunstenaars van alle tijden en plaatsen meer ruimte boden aan gruwel dan aan vreugde, dat de aarde een afschuwelijk tranendal is. De meeste mensen vinden het niet fijn om dat te horen, en daarom vond ik het leuk om dat te zeggen.

Misschien is het goed om er iets aan toe te voegen (ik ben net zestig geworden): gruwel en vreugde bestaan allebei. Ik word ontroerd door schoonheid, door kleine gebaren van mensen die ik liefheb en hoog acht, door mijn schoonvader die in het verzorgingshuis naar ons zwaait als we vertrekken, ook al vergeet hij bijna alles, ook al doet hij bij het klimmen van de jaren steeds meer dingen onhandig of ronduit fout. Ook liefde bestaat.

Wat me treft bij de Poolse dichter Adam Zagajewski (1945-2021) is het besef dat gruwel en vreugde onlosmakelijk verbonden zijn, dat ze samen ons leven uitmaken.

Een heel mooi interview met Zagajewski verscheen in De Groene op 17 april 2019: Bezing het verminkte continent – een verwijzing – een citaat zelfs – naar zijn beroemdste gedicht. Interviewer is de schrijver Jan Postma. Het citaat is genomen uit het beroemde gedicht waarvan ik hieronder een vertaling publiceer. Het werd eerder vertaald door de goede vertaler Gerard Rasch – maar diens vertaling heb ik niet onder ogen gehad (afgezien van de regels die Postma citeert). Op de vondst van Rasch ‘het zoute niets’ ben ik jaloers, maar ik wilde die om voor de hand liggende redenen niet gebruiken.

Zagajewski behoort tot een uitzonderlijke generatie Poolse dichters waartoe ook Czesław MiłoszZbigniew Herbert (1924-1998), Wisława Szymborska (1923-2012), Tadeusz Różewicz (1921-2014) behoorden.

Zagajewski is een Poolse dichter, vertaler, essayist en romanschrijver. Hij werd geboren in Lviv, wat nu in Oekraïne ligt. In zijn tijd was het nog Polen. Het is wel veelzeggend en treurig dat er geen Nederlands Wikipedia-artikel van hem bestaat.

Ik citeer graag een stukje uit het gesprek dat jan Postma met hem voerde:

Enfin, ik heb ook dit gedicht van Zagajewski (net als het vorige) vertaald zonder Pools te beheersen. Ik heb het origineel gebruikt om vormkenmerken te achterhalen, ik heb een machinevertaling (DeepL) gebruikt om te zien wat het Poolse origineel betekende, en ik heb de Engelse vertaling van Clare Cavanagh gebruikt om te controleren dat ik mij niet volkomen zou vergissen.

Het originele Poolse gedicht heb ik gevonden met hulp van Jan Prygoda (Twitter/X). Het staat op deze rijke Portugese website: De culturele tempel van Delphi: Adam Zagajewski – poeta, romancista, ensaísta e tradutor polonês.

In dit gedicht wordt een wereld beschreven die verre van volmaakt is – kreupel, verminkt. Maar ook de mooie momenten bestaan. En het licht dat steeds terugkeert, en dat jou in staat stelt te zien.


Geluidsopname

Geluidsopname van de vertaling – Arie Sonneveld

Vertaling

Prijs als je kunt deze kreupele wereld

Prijs als je kunt deze kreupele wereld.
Denk terug aan die lange dagen in juni,
aan wilde aardbeien, slokjes rosé.
De brandnetels die stelselmatig
de lege huisjes van de ballingen begroeien.
Prijs dan deze kreupele wereld.
Je zag sierlijke zeiljachten en schepen;
één zeilde er af voor een lange reis,
een ander voor een zilte vergetelheid.
Je zag radeloze vluchtelingen,
beulen die vrolijke liederen zongen.
Kom, prijs deze kreupele wereld.
Denk aan de momenten dat we samen waren
in een witte kamer met wuivende gordijnen.
Haal terug dat concert met onstuimige muziek.
In de herfst verzamelde je eikels in het park,
bladeren dwarrelden over de littekens van de aarde.
Prijs deze kreupele wereld,
het grauwe veertje dat een lijster verloor,
het zachte licht dat ronddwaalt en verdwijnt
en terugkeert.


Origineel


Engelse vertaling van Clare Cavanagh

Try to Praise the Mutilated World

Try to praise the mutilated world.
Remember June’s long days,
and wild strawberries, drops of rosé wine.
The nettles that methodically overgrow
the abandoned homesteads of exiles.
You must praise the mutilated world.
You watched the stylish yachts and ships;
one of them had a long trip ahead of it,
while salty oblivion awaited others.
You’ve seen the refugees going nowhere,
you’ve heard the executioners sing joyfully.
You should praise the mutilated world.
Remember the moments when we were together
in a white room and the curtain fluttered.
Return in thought to the concert where music flared.
You gathered acorns in the park in autumn
and leaves eddied over the earth’s scars.
Praise the mutilated world
and the gray feather a thrush lost,
and the gentle light that strays and vanishes
and returns.